Voor ieder wat speels: op LEGO-spellen kun je bouwen

Sommige spelletjes komen in een doos. Sommige speelgoedsets komen in een doos. LEGO-spellen doen allebei, en gooien er vervolgens nog een flinke hand gekleurde steentjes, een snufje chaos en het constante risico op een verdwaalde 1×1 plate onder je voet tegenaan (ouch!). Kortom: LEGO en spellen zijn eigenlijk een logische combinatie. Want wat is een bordspel anders dan een bouwwerk van regels? En wat is LEGO anders dan een uitnodiging om die regels meteen weer te verbouwen?

Ik hou van LEGO, ik hou van spellen, dus tijd om de twee liefdes eens te combineren in een artikel. In deze blog duiken we daarom in de wondere wereld van LEGO-spellen. Eerst bouwen we een klein stukje geschiedenis, daarna zetten we een paar recente speldozen en LEGO dozen op tafel: LEGO Monkey Palace, LEGO Brick Like This! en LEGO NINJAGO Destiny’s Bounty Adventures. En omdat spelplezier tegenwoordig niet alleen op tafel maar ook op schermen wordt gestapeld, eindigen we met een korte digitale omweg langs Batman, party-chaos en een verrassend ontroerende coöperatieve aanrader. Ook qua LEGO-spellen blijkt er voor ieder wat speels te zijn. Overigens geen advertorial of gesponsorde blog, maar geschreven vanuit mijn liefde voor de plastic bouwsteentjes.

Een korte geschiedenis: van blokkendoos tot bordspeldoos

LEGO en spelletjes gaan al veel langer samen dan je misschien denkt. Al voordat LEGO zich serieus op de bordspelwereld stortte, verschenen er allerlei spelachtige sets: schaaksets, boter-kaas-en-eieren, race- en bouwspelletjes en andere hybride producten waarbij de grens tussen speelgoed en spel net zo stevig vastklikte als twee nieuwe plates. Volgens LEGO-overzichten gaat die geschiedenis zelfs terug tot vroege bordspelachtige experimenten uit de jaren veertig, maar de echte herkenbare LEGO-spelgolf kwam veel later. LEGO bracht een LEGO Creator bordspel uit, een soort hints waarbij de bouwstenen geen armbewegingen zijn maar echte bouwstenen en een race spel dat veredeld Ganzenbord was, maar waarbij je zelf je auto in elkaar mocht zetten.

In 2009 richtte LEGO zich vol op de bordspellenmarkt en lanceerde LEGO de lijn LEGO Games: een reeks bouwbare bordspellen waarin je eerst het spelbord of de spelelementen bouwde en er daarna mee speelde. Bekende titels waren onder meer Ramses Pyramid, Minotaurus, Creationary en later ook licentiespellen rond Harry Potter, Star Wars, Batman en NINJAGO. De lijn had twee typische LEGO Games-iconen: kleine microfiguurtjes en een grote aanpasbare LEGO-dobbelsteen waarop je zelf tegels kon klikken. Dat was eigenlijk briljant: zelfs de dobbelsteen kon verbouwd worden.

Ik dacht zelf altijd bij de dobbelsteen: ideaal voor rollenspellen. Die bracht LEGO destijds niet uit, maar kwam wel in de buurt met een hele bups aan spellen in speciaal gecreëerd thema: Heroica. Duidelijke geinsprieerd op rollenspellen, maar ook op Heroquest. Een paar jaar geleden bracht LEGO een heuse Dungeons & Dragons set uit met een one shot avontuur: de cirkel is rond.

Toch verdween de lijn na enkele jaren weer uit de schappen. Sommige spellen waren charmant, sommige vooral leuk om te bouwen en sommige deden vermoeden dat de spelregels met dezelfde snelheid waren ontworpen als waarmee een kleuter een emmer stenen over de vloer kiepert. Maar het idee bleef aantrekkelijk: LEGO als echt speelmateriaal, niet alleen als thema of verzamelding. En precies daarom is het interessant dat LEGO de laatste jaren opnieuw voorzichtig de tafel op klimt, dit keer met spellen die duidelijker mikken op moderne familiespellen en partyspellen. Bordspelveteranen van Asmode richten Dotted Games op om deze spellen te vermarkten samen met LEGO.

Soms brengt LEGO ook ReCreate (of ReBuild in Duitsland) activiteitskaartjes uit. In een doosje zitten circa 30 kaartjes en een stapeltje LEGO-onderdelen. Met de kaartjes wordt je aangepoort om iets te bouwen en hierbij hoef je natuurlijk niet te beperken tot de bijgeleverde steentjes, maar dit kun je makkelijke uitbreiden naar je hele collectie stenen.

LEGO Monkey Palace: apenstreken met architectuur

Monkey Palace is misschien wel het beste voorbeeld van hoe LEGO als bordspelcomponent écht kan werken. Dit is niet zomaar een spel met een LEGO-logo op de doos, maar een spel waarin bouwen de motor van het spel is. Spelers bouwen samen aan één groeiend paleis in de jungle, maar proberen ondertussen wel zelf de meeste bananenpunten te verzamelen. Het is dus coöperatief bouwen en competitief scoren: samen een toren maken, maar stiekem hopen dat jouw trap nét iets bananiger is dan die van de rest.

In je beurt bouw je een oplopende trap met bogen, blokjes en kolommen. Hoe hoger en slimmer je bouwt, hoe meer apencredits je verdient. Die credits geef je vervolgens uit aan kaarten. Kaarten leveren bananenpunten op, maar geven ook nieuwe steentjes: soms direct, soms elke volgende beurt opnieuw. Daardoor ontstaat een kleine motor van bouwen, kopen, meer bouwen en nog meer kopen. Het spel eindigt wanneer een specifiek soort bouwsteen op is, waarna de speler met de meeste bananenpunten wint. Of, in jungletaal: wie het best stapelt, schilt de buit.

Wat Monkey Palace sterk maakt, is dat het tactisch aanvoelt zonder zwaar te worden. Je denkt na over routes, hoogte, kleuren, kaarten en toekomstige bouwmaterialen, maar ondertussen ben je vooral lekker bezig met tastbaar bouwen. Het eindresultaat ziet er bovendien altijd anders uit: soms als een sierlijke tempel, soms als een apenrots met bouwvergunningproblemen. Voor een uitgebreidere bespreking kun je natuurlijk ook terecht bij de recensie van LEGO Monkey Palace op Dice Daniel.

LEGO Brick Like This!: praat sneller dan je bouwt

Waar Monkey Palace vooral een familiespel met tactische trapjes is, is Brick Like This! een partyspel dat je communicatievaardigheden genadeloos tegen het plastic licht houdt. Het idee is simpel: de ene speler ziet wat er gebouwd moet worden, de andere speler moet het bouwen. De twist? De bouwer mag de opdrachtkaart niet zien. Dus je krijgt zinnen als: “Nee, dat rode blokje moet niet daarop, maar een beetje daarnaast, nee, niet zo daarnaast, LEGO-daarnaast!”

Spelers vormen teams. Per ronde kiest de instructeur een bouwkaart met een bepaalde moeilijkheidsgraad en puntenwaarde. Alleen de instructeur mag de kaart bekijken. De bouwer moet op basis van mondelinge aanwijzingen het model zo snel mogelijk namaken met LEGO-stenen uit de gezamenlijke voorraad. Teams spelen tegelijk. Zodra een team klaar denkt te zijn, wordt de timer omgedraaid en krijgen de andere teams nog kort de tijd. Daarna wordt gecontroleerd of het model klopt en worden punten gescoord. Na zes rondes wint het team met de meeste punten.

Brick Like This! is daarmee een heerlijk “ik zei toch links!”-spel. Het is snel, toegankelijk en vooral geschikt voor groepen die het leuk vinden om elkaar liefdevol verkeerd te begrijpen. Verwacht geen diep strategisch bouwwerk, maar wel veel gelach, geklungel en de ontdekking dat “dat ene schuine dingetje” geen universeel erkende bouwterm is.

LEGO NINJAGO Destiny’s Bounty Adventures: samen ninja’s, samen schip redden

Destiny’s Bounty Adventures gooit de LEGO-formule weer een andere kant op: dit is een coöperatief familiespel in de wereld van NINJAGO. Spelers kruipen in de rol van ninja’s zoals Kai, Nya, Cole of Zane (helaas geen L-Loyd of die blauwe waarvan ik de naam vergeten ben, sorry Blauwe Ninja!) en verdedigen Destiny’s Bounty tegen schurken die hun snode plannen uitvoeren. Dat klinkt grootser dan “wie heeft mijn blauwe 2×2 gepakt?”, maar de kern is duidelijk: samenwerken, slim bewegen, vaardigheden gebruiken en voorkomen dat de dreiging uit de hand loopt.

Elke speler bestuurt een ninja met eigen mogelijkheden. Tijdens het spel verschijnen vijanden en gebeurtenissen op het schip. Spelers bewegen over het bord, ruimen gevaren op, gebruiken speciale krachten en proberen hun ninja’s sterker te maken. Het doel is om samen meesterlijke ninja’s te worden voordat de vijandelijke plannen, waaronder de dreiging van de Great Devourer, volledig tot uitvoering komen. Het spel bevat meerdere avonturen, waardoor potjes kunnen variëren in opzet en uitdaging.

Dit is waarschijnlijk de meest thematische van de recente LEGO-tafelspellen. Waar Brick Like This! vooral communicatiechaos is en Monkey Palace een bouwpuzzel met puntensalade, draait Destiny’s Bounty Adventures om avontuur, rollen en samenwerken. Voor jonge NINJAGO-fans is het extra aantrekkelijk omdat de minifiguren en upgrades niet alleen spelstukken zijn, maar ook speelgoed. Voor ouders is het fijn dat er geen winnaar is die triomfantelijk “ninja-goed gedaan door mij alleen!” roept: je wint of verliest samen.

LEGO Technic Mighty Machines: blind bouwen, slim spelen

En dan is er nog LEGO Technic Mighty Machines, een leuke tussenvorm tussen verzamelen, bouwen en spelen. Dit zijn blind box-verzamelsetjes met kleine LEGO Technic-voertuigen en machines: je weet dus pas na het openen of je straks een stoere graafmachine, bulldozer of ander mini-mechanisch machientje in handen hebt. Dat blind box-element past natuurlijk heerlijk bij de verzamelhonger die LEGO al decennia oproept met diens Minifigure blindboxes, maar hier zit er nog een extra speelse laag onder de motorkap.

Elk doosje Mighty Machines bevat naast bouwstukjes ook een kaart, en die kaarten kun je samenvoegen om een spel te spelen met de machines. Daarmee schuift Mighty Machines mooi aan bij de rest van de hedendaagse speelse insteek van LEGO: het gaat niet alleen om het bouwwerkje zelf, maar om wat je ermee doet nadat de laatste pin is vastgeklikt. Net als bij Monkey Palace wordt bouwen onderdeel van het spelplezier.

Overigens kun je als VIP-lid van LEGO met je punten ook vaak speelse activiteiten scoren zoals speelkaarten, mini bordspellen gemaakt van LEGO-onderdelen of verzamelkaarten, maar ik ga daar verder niet op in, want dan voelt dit artikel nog meer aan als vrijwillige reclame voor een bedrijf dat al genoeg geld verdiend.

Digitaal LEGO-plezier: klikken, knokken en coöperatief voelen

Natuurlijk stopt LEGO-spelplezier niet aan de rand van de tafel. Digitaal is er al jaren een complete steentjeswereld waarin bijna alles kapot mag, alles muntjes geeft en zelfs serieuze superhelden de grootste lol hebben. De nieuwe LEGO Batman: Legacy of the Dark Knight is daarbij een titel om goed in de gaten te houden. Het spel belooft een open wereld in Gotham City, een Batman-verhaal van oorsprong tot legende en de bekende TT Games-humor. Voor wie zin heeft in virtuele Batarangs met bouwsteentjesrandjes klinkt dat als een Bat-signaal dat je niet zomaar negeert.

Voor luchtiger digitaal vermaak zijn LEGO Party en LEGO Brawls eenvoudige partyspellen die vooral draaien om korte potjes, toegankelijke chaos en samen op de bank roepen dat het natuurlijk lag aan de controller. Ze lijken daarmee misschien nog het meest op een LEGO-doos die na een kinderfeestje open op de grond is blijven liggen: kleurrijk, luidruchtig en onmogelijk volledig onder controle te houden.

Maar de digitale tip die ik vooral van harte wil aanbevelen, is LEGO Voyagers. Dat spel lijkt op het eerste gezicht misschien kleiner en rustiger, maar juist daarin schuilt de kracht. Het is een slim en emotioneel coöperatief spel voor spelers die samen willen ontdekken, puzzelen en onderweg iets willen voelen dat verder gaat dan “au, ik stond op een steentje”. Wie LEGO vooral kent als slapstick en verzamelwoede, kan hier ontdekken dat twee kleine digitale bouwsteentjes ook verrassend veel hart kunnen hebben.

Conclusie: LEGO spelen is bouwen met regels

LEGO-spellen zijn op hun best wanneer ze niet alleen LEGO op een spel plakken, maar het bouwen zelf onderdeel maken van het spelplezier. Monkey Palace laat zien hoe tactisch en tastbaar dat kan zijn, Brick Like This! bewijst dat communicatie en geklungel uitstekend klikken, en Destiny’s Bounty Adventures gebruikt minifiguren en avontuur om jonge spelers samen aan tafel te krijgen. Tel daar de digitale LEGO-wereld bij op en je hebt een speelveld dat groter is dan één baseplate van 30 bij 30 studs. Of je nu bouwt, beschrijft, ninja’s inzet of digitaal door Gotham glijdt: er is voor ieder wat speels. En gelukkig ook voor ieder wat steens. Hmm dat laatste bekt toch wat minder lekker dan ik dacht…